Loading images...

SpeeltoestelJaren 70 en 80 wijken zijn groen, heel groen. Langs elk hoekhuis ligt wel een strook en de bodembedekkers vormen de bekende bufferzone tussen stoep en straat. Elk hofje – ook zo typisch jaren 70 en 80 – heeft zijn eigen speelgroen. Tegenwoordig zien deze groene speelplekken er alles behalve aantrekkelijk uit. Óf de gezinnen zijn vertrokken en spelende kinderen zijn nergens te bekennen, óf de plekken liggen er door achterstallig onderhoud troosteloos bij. Voor de gemeente is er simpelweg te veel groen en te weinig geld voor onderhoud. Laat de bewoners het dan maar zelf doen! Niet om de verantwoordelijkheid af te schuiven, maar omdat het de buurt beter maakt. 

De bevolkingssamenstelling in de jaren 70 en 80-wijken is sterk veranderd, en daarmee ook de behoefte en het gebruik van het groen. De bewoners weten zelf het beste waar zij anno nu behoefte aan hebben. Zijn de kinderen de deur en de wijk uit? Dan kan het speelveld worden veranderd in een hondenuitlaatplaats. Vermeld hierbij wel duidelijk de functie; toch jammer als je steeds met poep onder de schoenen thuis komt. 

Volgens Creatief Beheer, het Rotterdamse expertbureau voor wijkbeheer, is het groen in de wijk  eigenlijk een heel- en leermeester voor de wijkbewoners. In plaats van deze wijken rigoureus te herstructureren (voor zover dat al kan) kun je beter op kleine schaal ingrijpen. Bijvoorbeeld door bewoners zich over het groen te laten ontfermen. Men zet zich hierdoor gezamenlijk in voor de wijk, leert elkaar beter kennen en zorgt ervoor dat er iets komt waar men echt behoefte aan heeft. En zo zorgt het typische jaren 70 en 80-groen in 2011 voor nieuwe woonkwaliteit en, niet onbelangrijk,  onderling contact en binding bij de bewoners. Het lijken de seventies wel.
(bron nirov)    

Leuden
     
Steeds meer gemeenten in Nederland gaan over op natuurlijker beheer van het openbaar groen. De traditionele vorm van groenbeheer met overal dezelfde rozenperkjes, gladgeschoren gazons en de standaard heesters en boomsoorten verliest langzamerhand terrein. Tegenwoordig mogen wilde planten op steeds meer plaatsen groeien .

Vlindervriendelijk zoombeheer
Op sommige plekken hebben we zoombeheer ingezet voor een geleidelijker overgang tussen houtwallen en het aanliggende grasland. In deze zoom wordt nog minder gemaaid en blijft een deel in de winter  staan. Zo is er ook in de winter voldoende schuilgelegenheid voor dieren en overwinteringmogelijkheden voor insecten. Op deze trajecten wordt eens per twee jaar gemaaid. Deze vorm van maaien kan alleen bij bermen met voldoende breedte aansluitend aan water of aan een houtwal. Dit vlindervriendelijk beheer willen we in de toekomst verder doorzetten binnen de bebouwde kom.

Het maaibeheer in het buitengebied is duidelijker toespitst op de aanwezige vegetatie en de potentie van de bermen. Veelal betekent dit dat er minder gemaaid wordt, maar het kan ook betekenen dat er meer gemaaid wordt. Dit laatste om verschraling na te streven waardoor er een bloemrijkere berm kan ontstaan. Trajecten waar orchideeën voorkomen worden pas rond 1 oktober gemaaid, zodat de orchideeën de tijd hebben om zaad te zetten.

Ruwgras
De ecologische verbindingen tussen de bebouwde kom en het buitengebied lopen via bomenrijen, groenstroken en bermen langs wegen en oppervlaktewater. Ons streven is om de ecologische kwaliteit van de bermen en watergangen te versterken met ruwgras. Ruwgras is een verzamelnaam voor de bermen die één of twee keer per jaar gemaaid worden. Door dit maairegime ontstaat een wat ruiger beeld van de vegetatie dan wanneer een gazon wekelijks gemaaid wordt. Door deze manier van maaien ontstaat er meer ruimte voor bloeiende planten en voor dieren. Insecten hebben baat bij meer bloeiende planten, maar ook bij meer schuilgelegenheid, structuurvariatie en overwinteringmogelijkheden. Meer insecten trekken ook meer kikkers, vogels, egels en andere kleine zoogdieren. Op deze manier halen we dus de natuur de het dorp in.

De vraag is kunnen en willen we dit ook in Hengelo?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.